4. In afwijking van het eerste lid zijn de in dat lid genoemde onderdelen van de Algemene wet bestuursrecht, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en van de Wet milieubeheer niet van toepassing op de voorbereiding van beschikkingen op de aanvraag om een wijziging van een vergunning krachtens artikel 15, onder b of c, die niet leidt tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan volgens de geldende vergunning is toegestaan, waarvoor geen verplichting bestaat tot het maken van een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer, en die niet leidt tot een andere inrichting dan waarvoor eerder een vergunning is verleend.
Artikel 17a
Bij algemene maatregel van bestuur worden de bestuursorganen aangewezen, die - anders dan als adviseurs - bij de totstandkoming van de beschikking op de aanvraag worden betrokken. Bij de maatregel kunnen bestuursorganen worden aangewezen, die in de gelegenheid worden gesteld advies uit te brengen over het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een vergunning.
Artikel 18 [Vervallen per 01-10-2010]
Artikel 18a
1. Onze Minister van Economische Zaken beziet regelmatig of de beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en de voorschriften die aan een vergunning zijn verbonden, nog toereikend zijn gezien de ontwikkelingen op het gebied van de technische mogelijkheden tot bescherming van mensen, dieren, planten en goederen.
2. Onze Minister van Economische Zaken wijzigt de beperkingen waaronder de vergunning is verleend en de voorschriften die daaraan zijn verbonden, vult deze aan of trekt ze in, dan wel brengt alsnog beperkingen aan, of verbindt alsnog voorschriften aan de vergunning, voor zover blijkt dat de nadelige gevolgen die de betrokken activiteit voor mensen, dieren, planten en goederen veroorzaakt, gezien de ontwikkeling van de technische mogelijkheden tot bescherming daarvan verder kunnen worden beperkt.
3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop het eerste lid wordt toegepast met betrekking tot daarbij aangewezen categorieën van handelingen. Bij de maatregel kan worden bepaald dat daarbij gestelde regels slechts gelden in daarbij aangegeven categorieën van gevallen.
4. Met betrekking tot de beslissing ter zake en de inhoud van die beperkingen en voorschriften zijn de artikelen 15b tot en met 15e van overeenkomstige toepassing.